Stockhausen en Spiritualiteit

Hoe autonoom en eigenzinnig Karlheinz Stockhausen ook was, hij voelde zich altijd ondergeschikt aan het hogere, waarvan hij zich immer bewust was, het ‘Geistig-Geistliche’, het geestelijk-godsdienstige. “Het is mijn diepste ervaring sinds ik kan denken (toen ik drie of vier jaar oud was) dat ik mijzelf altijd wil laten leiden – ook in mijn werk als componist.” Spiritualiteit beheerste Stockhausen niet alleen, Stockhausen wás spiritualiteit. Het was niet zijn alter ego, het wás zijn ego. Zijn composities waren geen weerspiegelingen van het hogere, ze wáren het hogere.

Stockhausen stond in zijn latere jaren open voor allerlei religieuze en spirituele invloeden, oosterse, mythische, mystieke en obscurantistische. Zoals het geheimzinnige Urantia Book (Chicago, 1955), een belangrijke inspiratiebron voor Stockhausens zevendelige en alomvattende operacyclus LICHT.  Volgens de site van de Urantia Foundation is het boek door ‘hemelse wezens gepresenteerd als een openbaring voor onze planeet Urantia.’ Het boek behandelt het christendom en biedt een ‘duidelijke en kernachtige integratie van wetenschap, filosofie en religie.’ Het boek, dat van vele kanten kritiek krijgt, schept in ieder geval schijnbare orde in de chaos van het spirituele denken. Zo had rockgitarist Jimi Hendrix het 2000 pagina’s tellende boek altijd onder handbereik.

Dat cumulatieve en verglijdende in het denken van Stockhausen, maar ook de verwerkte hoogstpersoonlijke ervaringen uit zijn eigen leven, maken het moeilijk, zo niet onmogelijk,  een consistent en helder idee te krijgen van zijn spirituele wereldbeeld, dat vol lijkt met losse eindjes, vage verwijzingen en innerlijke tegenspraak.  Theologen, musicologen en wetenschappers van allerlei disciplines hebben alle hun eigen, vaak botsende analyses van Stockhausen. Voor de ‘gewone’ luisteraar is het meest zinvolle zich tijdens uitvoeringen van LICHT niet allerlei sceptische aardse vragen te stellen, maar zich over te geven aan de muziek en het theater, die dankzij de verbazingwekkende innerlijke kracht van Stockhausen, alles op een ander en hoger plan tillen.

In die verheven ondoorgrondelijkheid staat Stockhausen niet alleen, die is ook kenmerkend voor de Bijbel zelf, de theologie, de talloze kerkgenootschappen en het persoonlijke denken van gelovigen en minder gelovige mensen. Spiritualiteit is geen beleving van exacte wetenschap. Het is het tegendeel daarvan, ook al wordt vaak verwezen naar verschijnselen uit de waarneembare omgeving. Die omvat de aarde en ons zonnestelsel, maar ook de verste kosmos, waar we de oerknal, de schepping, van 13.7 miljard jaar geleden kunnen zien in de beelden van de Hubble Space Telescope.

Stockhausens geestelijke basis bestond uit het christelijk geloof en de Bijbelse verhalen over de strijd tussen goed en kwaad, tussen God en duivel, tussen licht en duisternis, eindigend in apocalyps en verlossing. Dat  oergevecht is het hoofdthema van LICHT. Stockhausen was diep geworteld in de katholieke traditie, waarin de aartsengel Michael – een van de hoofdpersonen in LICHT - een belangrijke rol speelt. Toen hij als zesjarige in Altenberg ging wonen, was hij diep onder de indruk van de gothische Dom. Daar knielde hij en bad tot het Michaelsbeeld.  Geen wonder dat Stockhausen na lezing van het Urantia Boek in 1977 begon met Donnerstag aus LICHT, de opera van de aartsengel Michael – donderdag was oorspronkelijk de dag van Jupiter. Michael vertegenwoordigt hier God, die zelf geen personage is in deze operacyclus, zonder een eenduidig verhaal, zonder begin of eind, eeuwig recyclerend.  

Hoe uniek en avantgardistisch Stockhausen ook mag lijken, zijn complexe gedachtenwereld en zijn spirituele componeren rust op een piramide van duizenden jaren van religieuze verhaalkunst en geestelijk georiënteerde muziek. Zijn oeuvre is een culminatie van millennia geestelijke cultuurgeschiedenis. De antiek-Griekse geschiedschrijver Herodotus vertelt al over muzikale mysteriespelen bij de oude Egyptenaren. De middeleeuwse abdis Hildegard von Bingen componeerde verstilde esoterische muziek die vrijelijk naar de hemel zweeft. Religieuze muziek is, vooral binnen de katholieke kerk, een vast onderdeel van de geloofsbeleving. Ook niet direct religieuze symfonische muziek is vaak doortrokken van geloof in het hogere en pantheïstische ideeën. Het hele oeuvre van Gustav Mahler is een gang van het ondermaanse naar de hemel, van het tijdelijke naar het eeuwige, van de aarde naar de kosmos.

LICHT, met zijn confrontaties tussen Michael, de gevallen, duivelse engel Luzifer en de oermoeder Eva, kan men deels zien als een uitvergroting in omvang en betekenis van Der Ring des Nibelungen. Daarin verbeeldt Wagner een strijd in de wereld van de immorele goden, die vaak sterk lijken op mensen. Hun vermeende almacht blijkt opvallend broos. Dat Wagnerverhaal over de ondergang van de goden en hun Walhalla staat niet alleen vol verwijzingen naar het middeleeuwse Nibelungen-Lied, maar ook naar de veel oudere Ilias en Odyssee van Homerus – het fundament onder de westerse literatuur.

Bij Wagner twisten oppergod Wotan en zijn echtgenote Fricka over normen en waarden, zoals over de bloedschennige relatie van de tweeling Siegmund en Sieglinde. Uiteindelijk sterven Siegmund en hun zoon, de held Siegfried. Bij Homerus ruzieden Zeus en Hera op de Olympus over de vraag wie de Trojaanse oorlog moest winnen. De goden grijpen daar direct in, zo doodt Apollo de held Achilles. Bij Wagner strijdt Siegfried met de draak, net zoals Michael bij Stockhausen zegeviert over de draak, de slang, de duivel. De naam Michael is Hebreeuws voor ‘Wie is zoals God?’ – een opperste eerbetuiging. Michael is uit de hemel nedergedaald op aarde in de gestalte van een mens. Bij Stockhausen is die mens niet Jezus, maar een mens van deze tijd. Iedere mens, vervuld van innerlijke aanvechtingen, waarin ook Luzifer en Eva huizen en onderling strijden.

Ook puur muzikaal en structureel gaat de avant-gardist Stockhausen verder met het verleden, hij  geeft daaraan radicaal nieuwe verschijningsvormen. Met zijn ‘Formeln’ bouwt hij voort op het ‘idée fixe’ uit de Symphonie fantastique van Berlioz, de schepper van de operacyclus in vijf bedrijven Les Troyens. Hij geeft vergaande nieuwe dimensies aan de structuur van leidmotieven bij Wagner. Hij geeft zijn drie hoofdpersonages elk een eigen instrument: een trompet voor Michael, een bassethoorn voor Eva en een trombone voor Luzifer. Elke dag heeft een eigen kleur. Zijn Gesamtkunstwerk heeft zelfontworpen decors en kostuums, een eigen choreografie van beweging, mimiek en gestiek. 

Zo weerspiegelt Stockhausen in LICHT de geschiedenis van de aarde, de mensheid en de hoop op eeuwig leven, waar ook in de kosmos.